Samen met het borstteam werken aan een optimale behandeling tablecorner
Borstkanker is de meest voorkomende kanker bij vrouwen.
In België wordt jaarlijks bij één vrouw op tien, of bij ongeveer 5000 vrouwen, borstkanker vastgesteld.
Hoewel de meeste borstkanker voorkomt bij vrouwen tussen de 50 en 69 jaar, stellen we vast dat het aantal jonge vrouwen met borstkanker de laatste jaren toeneemt.

De medische vooruitgang, onder meer door de betere diagnose- en behandelingstechnieken, zorgt ervoor dat de genezingskansen voor vrouwen met borstkanker toenemen.

Het is onze betrachting om u de meest actuele behandelingsvormen aan te bieden, samen met een zorgverlening waarin de opvang van uw bekommernissen en vragen centraal staat.


 Wat is borstkanker? tablecorner
Normale lichaamscellen groeien, delen en sterven af op een goed georganiseerde manier. Nieuwe cellen worden aangemaakt om afgestorven cellen te vervangen.
Kankercellen trekken zich evenwel niets aan van deze regel.
Ze blijven ongeremd delen waardoor er al snel veel meer cellen bijkomen dan er verdwijnen.
Er ontstaat een gezwel of een tumor.
Bovendien beschikken de cellen in het gezwel over het vermogen om normale weefsels binnen te dringen en te vernietigen. Daarom noemt men deze cellen 'kwaadaardig'.
Soms komen cellen los uit het gezwel waarin ze zijn ontstaan. Ze komen dan terecht in de bloedsomloop of in de lymfebanen en worden zo meegevoerd naar andere plaatsen in het lichaam.
Daar kunnen ze zich innestelen en zich gewoon verder versneld delen.
Ze vormen dus een nieuw gezwel elders in het lichaam. Men noemt dit uitzaaiingen of metastasen.

cel


 Hoe borstkanker vroegtijdig opsporen? tablecorner
Actueel wordt veel aandacht besteed aan het voorkomen van borstkanker.
Borstkanker is een belangerijke doodsoorzaak bij vrouwen tussen 50 en 69 jaar. Vroegtijdig opsporen is dus van belang. Immers hoe kleiner het gezwel, hoe groter de kans op borstsparende heelkunde en hoe groter de kans op genezing.
Belangerijk hierbij zijn een regelmatig en grondig zelfonderzoek, een klinisch onderzoek, een mammografie en een echografie van beide borsten.

cel

ZELFONDERZOEK:

De meeste borstgezwellen worden door de vrouw zelf ontdekt.
Een regelmatig zelfonderzoek van beide borsten is dus belangrijk om veranderingen in uw borst (knobbeltje, huid- of tepelintrekking,…) vroegtijdig op te merken.
Best begint u vanaf een leeftijd van 20 jaar, zodat u uw borsten leert “kennen” en er een routine wordt aangeleerd.
De ideale periode is 1 week na de menstruatie omdat dan uw borsten minder pijnlijk zijn. Als de menstruatie niet regelmatig is of na de menopauze, doet u het borstonderzoek het best elke maand op dezelfde dag.

KLINISCH ONDERZOEK:

Hierbij zal de arts de borst nauwkeurig inspecteren en onderzoeken op afwijkingen.

MAMMOGRAFIE:

Aan de hand van een röntgenfoto van de borst kan er aangetoond worden of er afwijkingen voorkomen.
Een mammografie kan letsels opsporen die vijfmaal kleiner zijn dan letsels die kunnen worden gevoeld tijdens een manueel borstonderzoek. Een ervaren onderzoeker kan met de hand een knobbel voelen ter grootte van een kleine druif, een mammografie kan knobbels tonen die slechts de grootte hebben van een rijstkorrel!
Tijdens het uitvoeren van een mammografie is het van groot belang dat de borsten zo plat mogelijk worden samengedrukt. Dit samendrukken is zeker ongemakkelijk en soms zelf pijnlijk. Daarom wordt ook hier voorgesteld om het onderzoek uit te voeren 1 week na de menstruatie.

ECHOGRAFIE:

De borst wordt met hoogfrequente geluidsgolven onderzocht.
De echogolven worden door de borststructuren opgenomen en teruggekaatst, wat bewegende beelden oplevert die op een foto kunnen worden vastgelegd. Tijdens dit onderzoek wordt geen straling gebruikt, vandaar dat het ook onschadelijk is voor zwangere vrouwen.


 Wat betekent "Borst Screening? tablecorner
Om borstkanker in een vroegtijdig stadium op te sporen (=screening) heeft de Vlaamse Overheid een grootscheepse campagne opgezet waarbij tweejaarlijks een mammografie (geen echografie!) van beide borsten wordt uitgevoerd.
Enkel vrouwen tussen 50 en 69 jaar komen hiervoor in aanmerking. Deze screening is volledig gratis, doch niet verplicht en kan enkel in een erkend radiografisch centrum worden uitgevoerd. De radiografische dienst van het H. Serruysziekenhuis voldoet aan deze erkenning.
Behoort U tot deze risicogroep en wenst U een screeningsmammografie te laten uitvoeren, dan kan U een afspraak maken met het secretariaat van de radiologie op het nummer 059/555102.


 "Iets verdacht" op de mammografie: wat nu? tablecorner
Het volstaat niet om een verdacht knobbeltje te voelen of een verdacht gezwel te zien op een mammografisch en/of echografisch onderzoek om te kunnen spreken van borstkanker. Een klein stukje van het gezwel dient te worden genomen (=biopsie of punctie) voor verder onderzoek.

mammo

Hoe gebeurt een biopsie?

Met behulp van een naald wordt een cilindertje weefsel weggenomen.
Deze handeling gebeurt onder lokale handeling, duurt een klein halfuur en opname in het ziekenhuis is niet nodig.

Thans beschikt het H. Serruysziekenhuis oven een nieuw toestel, de mammotoon. Met dit toestel kunnen we borstgezwellen tot 2cm grootte volledig verwijderen. Ook deze biopsie gebeurt onder lokale verdoving, duurt ongeveer drie kwatier en opname is ook hier niet noodzakelijk.

Soms is een naaldbiopsie niet mogelijk en dient een chirurgische biopsie te worden uitgevoerd. Deze biopsie gebeurt in het operatiekwartier, meestal onder algemene verdoving en met opname in de dagkliniek.

Het verdacht stukje weefsel bekomen door biopsie wordt onderzocht door de anatomo-patholoog. Met behulp van een microscoop worden tumorcellen opgespoord. Op deze wijze wordt 100% zekerheid bekomen en wordt de diagnose van kwaadaardige borstkanker gesteld. Twee dagen na uw biopsie komt U op afspraak bij de dokter en wordt U het resultaat meegedeeld.


 U heeft borstkanker: wat nu? tablecorner
Vooraleer over te gaan tot een behandeling zullen preoperatieve onderzoeken (bloedafname en electrocardiogram) en stagingonderzoeken worden uitgevoerd.
Ze omvatten radiografie van de longen, een echografie van de lever en een beenderscan. Deze organen zijn immers de eerste plaatsen die door uitzaaiingen van borstkanker worden aangetast.
Alle patiënten met borstkanker ondergaan deze onderzoeken ongeacht de grootte van de tumor.


 Ik heb borstkanker en geen uitzaaiingen: welke behandeling? tablecorner
De behandeling van borstkanker omvat een multidisciplinaire aanpak.
Chirurgie blijft natuurlijk de hoeksteen van de behandeling, maar minstens even belangerijk zijn chemotherapie, radiotherapie en (anti-)hormoontherapie.

CHIRURGIE is meestal de eerste stap van uw behandeling.
We maken onderscheid tussen een borstsparende operatie en een borstamputatie.

Een borstsparende operatie:
Het borstgezwel (tumor), met eromheen als veiligheidsmarge minstens 1 cm gezond borstweefsel, wordt verwijderd.

Borstamputatie:
De volledige borst wordt verwijderd.


 Wanneer borstsparende operatie, wanneer borstamputatie? tablecorner
De keuze wordt grotendeels bepaald door:
  • De grootte van het borstgezwel
  • De lokalisatie van de tumor in de borst
De chirurg neemt in overleg met U een beslissing.


 Waarom wegname van okselklieren? tablecorner
Bij borstkanker kunnen tumorcellen zich verspreiden via de bloedbaan naar andere organen (uitzaaiingen of metastasen).
De lymfebanen zijn een andere verspreidingsroute. Lymfebanen en lymfeklieren maken deel uit van het lymfevatenstelsel. Dit stelsel vervult ondermeer een afweerfunctie: bij infecties worden de ziektekiemen afgevoerd.
Jammer genoeg kan dit stelsel ook tumorcellen transporteren
De borst is voorzien van een uitgebreid netwerk aan lymfebanen. Het merendeel van deze banen mondt uit in de lymfeklieren van de oksel.
Indien tumorcellen zich vanuit het gezwel in de borst via lymfebanen verspreiden, dan zullen eerst de lymfeklieren in de oksel aangetast worden.
Vandaar dat deze okselklieren bij borstkanker altijd verwijderd worden voor nader microscopisch onderzoek.


 Wat na de ingreep? tablecorner
In deze fase leert U stilaan om te gaan met de lichamelijke veranderingen en de gevolgen hiervan op het psychische, afffectieve en sociale vlak.
Herstellen betekent zo vlug mogelijk de draad van het vroeger leven terug opnemen !


 Het onmiddelijke herstel tablecorner
Na de operatie verblijft U enkele uren in de ontwaakzaal, daarna wordt U naar uw kamer teruggebracht.

De dag na de operatie mag U uit bed, mag U normaal voedsel eten en wordt het arminfuus verwijderd.

De kinesist zal eenvoudige bewegingsoefeningen van arm en schouder uitvoeren om stijfheid ervan te voorkomen.
Preventieve lymfedrainage om vochtophoping (lymfoedeem of dikke arm) te vermijden, zal ook vanaf de eerste dag worden gestart.

Naast de dagelijkse visite van de dokter zal ook de borstverpleegkundige U regelmatig bezoeken. Zij heeft U adviezen, praktische informatie en morele steun. Ze zorgt tevens voor een vlotte afhandeling van afspraken die met dokters en andere ziekenhuismedewerkers gemaakt zijn.

Na de operatie komen er uit de wonde 2 plastieken buisjes of drains, verbonden met een luchtledige fles. Hierdoor wordt het overtollige wondvocht afgezogen, zodat de wonde beter geneest. Na enkele dagen worden deze drains op advies van de dokter verwijderd. Het wegnemen gebeurt op de kamer en is nagenoeg pijnloos.

De eerste dagen kunt U de wonde niet zien omwille van het verband.
Sommige vrouwen vrezen echter de confrontatie met het litteken. De operatieve ingreep tast uw zelfbeeld als vrouw ingrijpend aan!
Toch is het voor uw verder herstel enorm belangerijk om de wonde te bekijken terwijl U nog in het ziekenhuis verblijft.
Onze verpleegkundigen zullen U bijstaan in de verwerking van dit pijnlijk moment!

Een drietal dagen na de operatie is het microscopisch onderzoek van het volledige borstgezwel en de okselklieren gekend en wordt het aan U door de dokter meegedeeld.

Onze psychologe is op uw vraag steeds bereid tot het geven van de nodige psychologische ondersteuning.

In de regio Oostende is de zelfhulpgroep "Leven als voorheen" actief.
Deze organisatie verenigt vrouwen met borstkanker. Indien U dit wenst komen zij U in het ziekenhuis of thuis een bezoekje brengen.

Via de "Liga tegen kanker" kan gratis een schoonheidsconsulent geraadpleegd worden.

Na 1 week verlaat U het ziekenhuis.
De borstverpleegkundige overhandigt U een voorlopige uitwendige borstprothese. Deze uitwendige borstprothese zal U reeds heel wat zelfvertrouwen teruggeven. In een latere fase kan dan voor een definitieve prothese of een borstreconstructie gekozen worden.
Ook het afspraakkaartje voor wondcontrole bij de dokter en de voorschriften voor de apotheker en kinesist worden meegegeven.


 NABEHANDELING tablecorner
De behandeling van borstkanker vereist een multidisciplinaire aanpak.
Chirurgie alleen volstaat meestal niet als behandeling.
Een aanvullende nabehandeling (adjuverende therapie) draagt bij tot een verhoogde kans op genezing en een verminderde kans op het terugkeren van borstkanker (revidief).


 Welke zijn de vormen van nabehandeling? tablecorner
Er zijn twee vormen van nabehandeling mogelijk:
  • Een lokale bestaande uit radiotherapie.
  • Een algemene bestaande uit chemotherapie of hormoontherapie.


 RADIOTHERAPIE tablecorner
Bij radiotherapie of bestraling wordt gebruik gemaakt van hoogenergetische stralen die in de vorm van een stralenbundel, te vergelijken met een lichtbundel, precies op de plaats waar het gezwel zich bevond wordt gericht.
Deze stralenbundel wordt opgewekt door speciale machines die enkel in bepaalde ziekenhuizen voorhanden zijn.
Het doel van de radiotherapie is ervoor te zorgen dat borstkanker niet terugkeert.
Daarom wordt het resterende borstklierweefsel bestraald.
Het is dus een lokale behandeling.

Hoe werkt radiotherapie?
Kankercellen hebben het vermogen sneller te groeien en zich sneller te delen dan de meeste normale lichaamscellen. Hoge dosis bestraling kunnen cellen doden of ervoor zorgen dat ze niet meer groeien of zich niet meer delen.
Zowel normale cellen als kankercellen lijden onder de gevolgen van bestraling, maar de normale lichaamscellen kunnen zich sneller en beter herstellen van de gevolgen van bestraling.
De dokter die de bestralingsdosis bepaalt (radiotherapeut), zal ervoor zorgen dat de toegediende dosis en het bestralingsveld zodanig worden berekend dat er zo weinig mogelijk schade wordt berokkend aan gezonde cellen.
Vooraleer de eerste stralingsdosis kan worden toegediend, moet het bestralingsveld op het lichaam worder gemarkeerd via een speciale procedure die simulatie noemt. Voor de simulatie moet de patiënt stil op een tafel liggen, terwijl de radiotherapeut een speciale x-stralenmachine (de simulator) gebruikt om het bestralingsveld precies af te bakenen. Een simulatie duurt ongeveer een half tot anderhalf uur.
Gewoonlijk markeert de radiotherapeut het bestralingsveld met gekleurde, moeilijk afwasbare inkt op het lichaam. De markeringen moeten tijdens de volledige duur van de behandeling op het lichaam blijven.
Radiotherapie wordt meestal 5 dagen per week, gedurende 6 tot 7 weken gegeven. De opdeling in dagelijkse doses is noodzakelijk om het gezonde lichaamsweefsel in het bestralingsveld zoveel mogelijk te sparen. De rustpauzes tijdens het weekend geven de normale cellen tijd om zich te herstellen.

De eigenlijke bestraling duurt amper 1 tot 5 minuten. De bestraling is volledig pijnloos. Het aantal behandelingen hangt af van de omvang en locatie van de tumor en het type kanker.
Daar het om een lokale behandeling gaat, veroorzaakt radiotherapie geen haaruitval, misselijkheid of braken.
Nevenwerkingen beperken zich tot huidreacties zoals roodheid, droge huid met bruine verkleuring.
Naar het einde toe van de behandeling kan het zijn dat U zich wat vermoeider voelt.


 CHEMOTHERAPIE tablecorner
Chemotherapie betekent het gebruik van krachtige geneesmiddelen in de strijd tegen kanker. Het voornaamste doel van chemotherapie is de verspreiding van borstkankercellen tegen te gaan om op die manier de overlevingskansen van de patiënten te verhogen.
Die geneesmiddelen worden "chemotherapeutica" of "cytostatica" genoemd omdat ze de eigenschap hebben om de ongeremde vermenigvuldiging en groei van kankercellen te stoppen en kwaadaardige cellen te vernietigen.
Patiënten die een borstoperatie hebben ondergaan krijgen naderhand chemotherapie toegediend als er een reëel risico bestaat op het reeds bestaan van microscopisch kleine uitzaaiingen gelegen buiten de geopereerde zone.
Het berekenen van dat risico en dus het nemen van de beslissing om al dan niet chemotherapie te geven aan een bepaalde patiënte, gebeurt volgens internationale richtlijnen en na overleg tussen de verschillende artsen die deel uitmaken van het "borstteam".
De oncoloog (arts gespecialiseerd in de behandeling van kankerpatiënten) zal met U het chemotherapiebehandeling bespreken.
Bij cytostaticatoediening via de aders wordt vaak onder plaatselijke verdoving een onderhuidse katheter (port-a-cath) geplaatst waarlangs bloedafnames en medicatie-inloop gemakkelijk kunnen gebeuren.
De eigenlijke behandeling, het inspuiten van de medicamenten, gebeurt in de oncologisch dagkliniek (op het gelijkvloers) door en onder het waakzame oog van speciaal opgeleide verpleegkundigen. Deze verpleegkundigen zijn door en door vertrouwd met alle mogelijke praktische aspecten van de toediening van chemotherapie en zullen U met raad en daad bijstaan.
Chemotherapie bestaat uit een reeks van behandelingen (= chemokuren of cycli) met telkens na elke behandeling een vaste rustfase om de gezonde lichaamscellen (die voor een gedeelte ook door de chemotherapie worden aan-getast maar uiteraard in mindere mate dan de kankercellen) de kans te geven zich te herstellen. Eén behandeling gevolgd door de rustfase wordt één cyclus genoemd. In het totaal worden doorgaans zes cycli gegeven.

De inlooptijd van de medicamenten bedraagt per toediening slechts ongeveer één à anderhalf uur. U moet er echter rekening mee houden dat voor elke behandeling er altijd een bloedstaal wordt genomen om te onderzoeken of de bloedcellen zich voldoende hebben hersteld na de vorige chemokuur (indien nodig dient de behandeling te worden uitgesteld). Ook worden er voor het starten van de inspuiting van de anti-kankermedicijnen meerdere antibraakrniddelen toegediend: uiteraard moet U dan eventjes wachten om die anti-braakmedicijnen de tijd en kans te geven zich in uw lichaam te verspreiden en hun verdedigende werking uit te oefenen.

Concreet gesproken moet U rekenen op een drietal uren verblijf in het oncologisch daghospitaal voor U weer naar huis kunt vertrekken.

De chemotherapie wordt bij ons in liggende houding toegediend. Tijdens de toediening wordt U meestal niets van bijwerkingen gewaar. U kunt rustig een boek of tijdschrift lezen, een babbeltje slaan met de medepatiënten of een dutje doen.

De arts zal ook de nevenwerkingen van de behandeling met U bespreken.
Anti-kankergeneesmiddelen (cytostatica) zijn zeer krachtige medicijnen die tot doel hebben kwaadaardige cellen kapot te maken. Jammer genoeg worden bij elke toediening ook een deel van de normale lichaamscellen tijdelijk (!!) aangetast. De reden waarom bij sommige patiënten en bij sommige vormen van chemotherapie het haar uitvalt, is omdat de haarwortelcellen tijdelijk minder goed functioneren.

Laat het echter een geruststelling voor U wezen dat de mogelijke ongewenste nevenwerkingen van de verschillende anti-kankergeneesmiddelen bijzonder goed gekend zijn. De uitgebreide uitleg over de mogelijke bijwerkingen die U van uw oncoloog krijgt, moet U dan ook niet beschouwen als een manier om U bang te maken, maar wel als een manier om U gerust te stellen en om er voor te zorgen dat U niet voor verrassingen (met alle ongerustheid van dien) komt te staan. Denk er dus aan dat niet elke patiënt alle beschreven bijwerkingen krijgt: alles hangt af van de manier waarop uw lichaam omgaat met de medicamenten.

Sommige patiënten ervaren slechts weinig of geen bijwerkingen: dit wil helemaal niet zeggen dat bij deze patiënten de therapie minder goed zou werken. Er bestaat met andere woorden géén enkel verband tussen de graad van bijwerkingen enerzijds en de efficiëntie van de therapie anderzijds.

De meest voorkomende ongemakken zijn misselijkheid, braken, diarree, ontsteking van het mondslijmvlies. Bij bepaalde kuren kan haaruitval niet voorkomen worden. De gebruikte chemotherapeutica kunnen tijdelijk gedeeltelijke of volledige haaruitval veroorzaken. In bepaalde gevallen (afhankelijk van de gebruikte anti-kankermedicijnen) kan dit met zekerheid voorspeld worden, doch soms is het zeer moeilijk te voorspellen of haarverlies zal optreden, en zo ja, wanneer dit zal beginnen.

Enige tijd na de behandeling, soms zelfs nog tijdens de behandeling, zal uw haar opnieuw beginnen groeien. De kwaliteit van dit nieuwe haar is meestal uitstekend!

De meeste vrouwen kiezen ervoor, als er haarverlies optreedt, een pruik te kopen. Mits een attest van uw oncoloog wordt een gedeelte van de kostprijs door uw ziekenfonds terugbetaald. Een mutsje, sjaal of pet kan evenwel een pruik vervangen.


 (ANTI-)HORMOONTHERAPIE tablecorner
De nabehandeling van de ziekte kan ook bestaan uit een (anti-)hormonale therapie. Hormonen zijn natuurlijke stoffen die door het lichaam worden aangemaakt in verschillende klieren en die zeer belangrijk zijn voor het regelen van een groot aantal lichaamsfuncties.

De twee belangrijkste vrouwelijke geslachtshormonen zijn oestrogen en progesterone.

Sommige borstkankercellen hebben deze hormonen nodig om te groeien. Dit betekent dat zich in die kwaadaardige cellen plaatsen bevinden, de zogenaamde receptoreren, waar oestrogeen en progesteron zich kunnen op vasthechten en aldus de kwaadaardige cellen aanmoedigen om zich te vermenigvuldigen en dus te vergroten.

We beschikken nu over medicamenten (anti-hormonale therapieën) die sterk gelijken op het natuurlijke oestrogeen en progesteron en die eveneens in de receptoren passen. Deze kunstmatige stoffen (medicamenten) oefenen evenwel niet de groeibevorderende werking op de kankercellen uit die de natuurlijke hormonen oestrogeen en progesteron wel uitoefenen. Het gevolg is dat als deze medicamenten worden toegediend aan bepaalde borstkankerpatiënten waarbij de werking van de natuurlijke hormonen wordt geblokkeerd. Hierdoor hebben de kwaadaardige cellen als het ware geen brandstof meer om te groeien en sterven af.

De vaststelling of er al dan niet receptoren zijn, gebeurt in het laboratorium Deze test duurt enkele dagen. Dit is één van de belangrijkste redenen waarom U enkele dagen geduld moet hebben na de heelkundige ingreep vooraleer de artsen van het borstteam een duidelijke strategie voor het bestrijden van uw borstkanker kunnen uitstippelen.

Soms vervangt de anti-hormonale behandeling de chemotherapie.

In andere gevallen wordt zij opgestart na het afwerken van de chemotherapie. De gemiddelde duur van een anti-hormonale behandeling bedraagt vijf jaar (onder vorm van de inname van één pilletje per dag).

Ook aan anti-hormonale behandelingen zijn mogelijke bijwerkingen gebonden, zij het van een andere aard dan de bijwerkingen van chemotherapie. uw oncoloog zal U uitgebreid op de hoogte brengen van deze mogelijke bijwerkingen.
De belangrijkste nevenwerkingen hierbij zijn warmteopwellingen en gewichtstoename.


 DE BORSTKLINIEK VAN HET HENRI SERRUYS tablecorner
De correcte behandeling van borstkanker is niet langer voorbehouden voor één specialist. Het vereist een team van specialisten die elk in hun vakgebied de meest recente ontwikkelingen op de voet volgen en hun behandelingen hierop afstemmen.
Het succes van uw behandeling wordt in grote mate bepaald door de optimale samenwerking tussen de verschillende specialisten.

Wie maakt deel uit van ons "BORSTTEAM"?


Alle borstaandoeningen worden besproken op onze wekelijkse stafvergadering (dinsdagvoormiddag 08:00-09:00). De doorverwijzende gynaecoloog en huisarts zijn hier eveneens op welkom. Alle voorstellen en beslissingen omtrent uw behandeling en nabehandeling worden hier in overleg genomen. Door deze benadering wordt voor iedere patiënt afzonderlijk de optimale behandeling gegarandeerd.
De coördinatie van het "Borstteam" ligt bij Dr. R. Venken, die gespecialiseerd is in de oncologische borstheelkunde en senologie.
Dit laatste is het specialisme dat het opsporen en behandelen van borstziekten omvat. Hij contacteert en coördineert de samenwerking met de andere medische specialisten.